De ‘onbedoeld’ gunstige bijwerkingen van niet-chirurgische behandelingen op de regionaal recidief kans bij patiënten met borstkanker


S. Siesling, A. Kuijer, M. Roos, J. de Kort, S.G. Elias, P.J. van Diest, S. Siesling, M.L. Smidt, L. Boersma, T. van Dalen

Donderdag 16 mei 2019

17:45 - 17:53u in Zaal 80/81

Categorieën: Mammachirurgie, Vrije voordracht (V)

Parallel sessie: V06 Mamma


Introductie

De Z0011 studie laat zien dat een 33% kans op achtergebleven lymfkliermetastasen bij patiënten met borstkanker zich vertaalt in een regionaal recidief (RR) kans van <1%. Om deze discrepantie te verklaren evalueren we de respectievelijke effecten op de RR kans van radiotherapie op de mamma en van adjuvante systemische therapie.

Methode

Patienten die zijn behandeld voor invasieve borstkanker en een negatieve schildwachtklier (pN0) hadden, werden geselecteerd uit de Nederlandse Kanker Registratie (NKR). Follow up data met betrekking tot het optreden van een regionaal recidief na 5 jaar was beschikbaar voor alle patiënten. De invloed van adjuvante systemische therapie en radiotherapie van de mamma als onderdeel van routinematige borstsparende behandeling op het 5-jaars regionaal recidief risico werd onderzocht middels multivariate Cox regressie analyse. In een eerder onderzoek observeerden we een 5-jaars regionaal recidiefkans van 2,5% wanneer geen radiotherapie en geen systemische therapie was gegeven.

Resultaten

Er werden 13 512 patiënten geïdentificeerd in de NKR. In totaal ontwikkelden 162 patiënten een regionaal recidief en de 5-jaars regionaal recidief kans was 1.4% [95% CI 1,2-1,6]. Multivariate analyse laat zien dat zowel de radiotherapie van de mamma als de adjuvante endocriene therapie het risico op een regionaal recidief halveert [HR van 0.45 95%CI 0.32-0.64 en HR van 0.44 95%CI 0.26-0.74, respectievelijk]. Adjuvante chemotherapie heeft een nog groter effect op het 5-jaars regionaal recidief percentage [HR 0.26 95% CI 0.14-0.47].

Conclusie

Alle onderzochte niet-chirurgische behandelingen, niet primair gericht op de oksel, hadden een gunstig effect op de ontwikkeling van een regionaal recidief. De cumulatieve effecten van radiotherapie op de mamma en systemische therapie, verklaren in belangrijke mate de discrepantie tussen achtergebleven metastasen in de oksel en de verwaarloosbaar kleine regionaal recidiefkans.